Huishoudelijk reglement

BijlageGrootteDatum/Tijd
Huishoudelijk_Reglement_2012_2013.doc171 KB2013-11-15 17:39



Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen


Artikel 1-01 Begripsbepalingen

  1. In dit Huishoudelijk Reglement, korts halve aangeduid met HR, worden de begripsbepalingen zoals deze voorkomen in de
    Statuten, het huishoudelijk reglement en alle overige reglementen van de Koninklijke Nederlandse Biljartbond (KNBB)
    overgenomen en wordt voorts verstaan onder:

    District: Het district Eem- en Flevoland van de Koninklijke Nederlandse Biljartbond.

    Districtsbestuur: Het in de Statuten van het district bedoelde bestuur.

    Districtsvergadering: De in de Statuten van het district bedoelde vergadering

    Districtscontributie: De door de districtsvergadering vastgestelde bedrag dat elk lid van het district elk boekjaar
    aan het district dient te betalen.

Artikel 1-02 Geldigheid van de bepalingen

  1. De bepalingen van dit reglement zijn geldig vanaf éénentwintig dagen nadat zij door de districtsvergadering zijn
    vastgesteld of gewijzigd, tenzij de districtsvergadering anders heeft beslist.
  2. Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald blijven de reglementen van de KNBB volledig van kracht.

Artikel 1-03 Officiële districtsmededelingen

  1. Officiële districtsmededelingen zijn schriftelijke mededelingen door of namens het Districtsbestuur gedaan, die ter
    kennis worden gebracht aan de onder het district ressorterende leden. Hiervoor staan de volgende mogelijkheden open:
    1. Publicatie in het hiervoor door het districtsbestuur aangewezen periodiek, mits duidelijk is aangegeven dat van een
      officiële districtsmededeling sprake is;
    2. Circulaires, brieven of publicaties in ten minste één landelijk dagblad of in ten minste één streekdagblad;
    3. Uitgegeven of uit te geven reglementen en de daarop uitgegeven of uit te geven wijzigingsbladen;
    4. Door of namens het districtsbestuur uitgegeven of uit te geven handleidingen of brochures.
    5. Publicatie via de door het districtsbestuur beheerde website.
  2. Een op de wijze als in lid 1 van dit artikel sub b, sub c, sub d of sub e bekendgemaakte officiële
    districtsmededeling wordt niet in het lid 1 van dit artikel sub a genoemde periodiek herhaald, tenzij het
    districtsbestuur anders bepaalt.
  3. Een officiële districtsmededeling wordt geacht ter kennis van alle betrokkenen te zijn gebracht op de tweede werkdag
    volgende op de dag van het verschijnen van een publicatie of terpostbezorging ervan.
  4. De officiële districtsmededelingen worden gratis verstrekt aan de leden van het district, het bondsbestuur, het
    bestuur van het gewest waaronder het district ressorteert, alsmede aan de daarvoor door het districtsbestuur aan te
    wijzen personen.
  5. In de officiële districtsmededelingen worden geen officiële mededelingen van de KNBB, van het gewest of van
    verenigingen opgenomen, tenzij het districtsbestuur per geval anders bepaalt.

Artikel 1-04 Reglementen van het district

  1. Door het districtsbestuur worden Statuten, het Huishoudelijk Reglement en eventueel aanvullende reglementen uitgegeven.
  2. Aan de verenigingen wordt één exemplaar van de in dit artikel lid 1 genoemde Statuten en Reglementen en de daarop
    uitgegeven of uit te geven wijzigingsbladen verstrekt. Extra exemplaren kunnen tegen betaling van de daarvoor door het
    districtsbestuur vastgestelde prijs worden verkregen.

Artikel 1-05 Erkende en niet erkende spelers

  1. De door het district te organiseren officiële wedstrijden zijn niet opengesteld voor personen die door het
    bondsbestuur niet als speler zijn erkend.

Artikel 1-06 Deelnemen aan wedstrijden

  1. Niemand is gedwongen aan officiële districtswedstrijden deel te nemen, tenzij een verplichting ontstaat door op de
    voorgeschreven wijze voor een wedstrijd in te schrijven en de inschrijving door het districtsbestuur is aanvaard. De
    hier vermelde verplichting kan door het districtsbestuur teniet worden gedaan door in de persoonlijke risicosfeer van de
    inschrijver liggende omstandigheden, waarvoor noch de KNBB, de districten, de organen, noch de leden van de KNBB
    aansprakelijk kunnen worden gesteld.



Hoofdstuk 2 Financien


Artikel 2-01 Vorderingen op het district

  1. Leden, die een vordering hebben op het district moeten deze vordering in het desbetreffende boekjaar zo spoedig
    mogelijk bij de penningmeester indienen.
  2. Een vordering later dan een maand na het verstrijken van het boekjaar waarin de vordering ontstond ingediend, komt
    daardoor niet meer voor betaling ten laste van de districtskas in aanmerking. Het districtsbestuur kan anders besluiten
    als het meent dat daarvoor een gegronde reden bestaat.


Artikel 2-02 Schulden aan het district

  1. Elke vereniging is verantwoordelijk voor de juiste betalingen door haarzelf en het in lid 2 van dit artikel bedoelde
    geval, te verrichten.
  2. Is een lid van een vereniging een bedrag aan het District verschuldigd, dan wordt dit bedrag, ongeacht de reden van
    het ontstaan, aan zijn vereniging in rekening gebracht. De desbetreffende vereniging is bevoegd dit bedrag op haar lid
    te verhalen.
  3. Een aan het district verschuldigd bedrag dient, tenzij door het districtsbestuur uitdrukkelijk anders is bepaald,
    binnen dertig dagen na schriftelijke kennisgeving hiervan aan de penningmeester te worden betaald.
  4. Niet voldoen aan het bepaalde in het vorige lid heeft tot gevolg dat het te betalen bedrag wordt verhoogd met een
    heffing wegens administratief verzuim ter hoogte van 25 % van het verschuldigde bedrag met een minimum van € 7.50 en een
    maximum van € 37,50. Dit wordt middels een aanmaning aan de betreffende vereniging in rekening gebracht met een uiterste
    betaaltermijn van 14 dagen. Tevens wordt aan de betreffende vereniging op de aanmelding gemeld dat niet betaling binnen
    de gestelde termijn tot gevolg heeft dat de betreffende speler(s), speelster(s) en/of team(s) niet meer speelgerechtigd
    zijn totdat volledige betaling is geschied.
  5. Geschiedt, ondanks het toezenden van betalingsherinnering als in het vorige lid genoemd, de betaling niet of wordt
    slechts een deel van het totaal te betalen bedrag voldaan dan wordt de opzeggingsprocedure als omschreven in artikel 2-08
    op gang gebracht. De mededeling aan de nalatige vereniging dat tot opzegging van het lidmaatschap zal worden overgegaan,
    heeft opnieuw tot gevolg, dat administratiekosten als bedoeld in dit artikel lid 4 in rekening worden gebracht.


Artikel 2-03 Door het district terug te betalen bedragen

  1. Een terugbetaling geschiedt binnen dertig dagen nadat hiertoe een verzoek door de districtspenningmeester is
    ontvangen dan wel de verkeerde betaling ambtshalve is vastgesteld. Het bepaalde in artikel 2-01 is van
    dienovereenkomstige toepassing.


Artikel 2-04 Normen voor de vaststelling van de contributie

  1. Elke vereniging dient voor ieder van haar leden een districtscontributie te betalen die gelijk is aan:
    1. voor senioren: het door de districtsvergadering vastgestelde bedrag;
    2. voor junioren: het door de districtsvergadering voor de junioren vastgestelde percentage van de districtscontributie
      voor senioren;
    3. voor dagcompetitiespelers: het door de districtsvergadering voor de dagcompetitiespelers vastgestelde percentage van
      de districtscontributie voor senioren.
  2. De in het vorige lid bedoelde bedragen worden gehalveerd als leden gedurende het tweede gedeelte van het boekjaar
    het lidmaatschap van de KNBB krijgen toegekend.
  3. Wordt aan een vereniging op of binnen twee maanden voor afloop van een boekjaar het lidmaatschap van de KNBB
    toegekend dan is voor dat lopende boekjaar geen districtscontributie verschuldigd.
  4. Voor ten hoogste drie senioren die als bestuurslid van een jeugdvereniging zijn opgegeven, is geen
    districtscontributie verplicht, mits zij tevens lid zijn van een andere vereniging die voor hen de verschuldigde
    districtscontributie voldoet.
  5. Vrijgesteld van de verplichting tot het betalen van contributie aan het district zijn: leden, die lid zijn van
    meerdere bij het district aangesloten verenigingen. Voor hen hoeft slechts éénmaal de districtscontributie te worden
    betaald. Deze contributie dient te worden betaald door de vereniging met het laagste aansluitnummer, dat wil zeggen de
    vereniging, die het langste lid is van de KNBB.

    Daarnaast zijn vrijgesteld van de verplichting tot het betalen van contributie aan het district:

    1. ereleden en leden van verdiensten van de KNBB;
    2. ereleden en leden van verdiensten van het gewest waartoe het district behoort;
    3. ereleden van het district.


Artikel 2-05 Andere te betalen bedragen

  1. Bij het begin van een nieuw boekjaar dient elke vereniging behalve de districtscontributie ook te betalen:
    1. het abonnementsgeld voor het in artikel 1-03 lid 1a bedoelde periodiek, tenzij het abonnementsgeld reeds in het
      contributiebedrag was inbegrepen;
    2. andere kosten als deze ingevolge een besluit of machtiging van de districtsvergadering in rekening kunnen of moeten
      worden gebracht.


Artikel 2-06 Hoofdelijke omslag

  1. Indien uit de rekening en verantwoording van een boekjaar blijkt dat deze met een nadelig saldo sluit, dan kan de
    districtsvergadering besluiten dat volgens door haar vast te stellen regels een hoofdelijke omslag wordt opgelegd aan de
    leden.


Artikel 2-07 Verantwoordelijkheid voor gelden en eigendommen van het district

  1. Een ieder die, uit welke hoofde ook, gelden of eigendommen van het district onder zijn berusting heeft, is
    aansprakelijk voor een goede besteding, bewaring, gebruik of teruggave daarvan aan het district.
  2. Bij het neerleggen van een functie of het beëindigen van een taak, dienen alle door betrokkene onder zijn berusting
    zijnde gelden en eigendommen van het district aan het districtsbestuur te worden afgedragen of overgedragen. Het
    districtsbestuur bepaalt per geval op welke wijze en binnen welke termijn van ten minste veertien dagen de afdracht of
    overdracht dient te geschieden.
  3. De afdracht of overdracht geschiedt tegen kwijting, waardoor de aansprakelijkheid van betrokkene wordt opgeheven.
    Dit geldt niet als naderhand blijkt, dat gelden of eigendommen zijn achtergehouden dan wel door het verstrekken van
    onjuiste of onvolledige gegevens een verkeerde of niet volledige afdracht of overdracht heeft plaatsgehad
  4. De kosten van afdracht en overdracht komen ten laste van het District, tenzij deze zijn veroorzaakt door het
    onvoldoende meewerken van degene die de gelden of eigendommen van het District onder zijn berusting had. In dat geval
    komen deze kosten te zijnen laste.


Artikel 2-08 Opzegging van het lidmaatschap (royement)

  1. Het niet of niet volledig nakomen van financiële verplichtingen is een reden om het lidmaatschap met onmiddellijke
    ingang op te zeggen.
  2. Het opzeggen van het lidmaatschap mag ingevolge de Statuten van de KNBB alleen geschieden door het
    Bondsbestuur.
  3. Op verzoek van het districtsbestuur zal het bondsbestuur tot opzegging van het lidmaatschap overgaan, als het
    districtsbestuur daarbij het bepaalde in artikel 2-02 van dit reglement heeft toegepast.
  4. Tegen het besluit tot opzegging van het lidmaatschap kan in beroep worden gegaan op de eerstvolgende
    bondsvergadering.
  5. De opzegging kan worden ingetrokken als het totaal verschuldigde bedrag verhoogd met administratiekosten van
    tweemaal de bondscontributie voor senioren alsnog wordt voldaan. Het intrekken van het besluit tot opzegging heeft niet
    tot gevolg dat rechten worden toegekend die tijdens de periode tussen de datum van opzegging en de datum van intrekking
    ervan hadden bestaan als niet tot het opzeggen van het lidmaatschap was overgegaan.


Artikel 2-09 Overnemen van een door de vereniging opgelegd royement

  1. Een door een vereniging aan één of meer van haar leden opgelegd royement wegens het door dat lid of die leden niet
    of niet volledig nakomen van financiële verplichtingen jegens de vereniging, kan door het bondsbestuur voor de gehele
    KNBB geldend worden verklaard, mits deze vereniging aan de desbetreffende bepalingen in het Huishoudelijk Reglement van
    de KNBB heeft voldaan.



Hoofdstuk 3 Districtsvergadering-Districtsbestuur



Deel 1 Districtsvergadering


Artikel 3-01 Organisatie van de districtvergadering

  1. Jaarlijks zal, uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar, de districtsvergadering worden gehouden.
  2. Het districtsbestuur bepaalt waar de districtsvergadering zal worden gehouden.


Artikel 3-02 Toegang tot de districtsvergadering

  1. Behalve de in de Statuten bedoelde personen hebben recht van toegang tot de districtsvergadering de leden van de
    permanente commissies


Artikel 3-03 Geloofsbrieven

  1. Voor het begin van een districtsvergadering geeft iedere stemgerechtigde afgevaardigde een geloofsbrief af, waaruit
    blijkt door welke vereniging hij/zij is bevoegd verklaard in deze Districtsvergadering de stemmen van zijn/haar
    vereniging uit te brengen, alsmede wie mede als niet-stemgerechtigde afgevaardigden zijn aangewezen.
  2. In de geloofsbrieven moet in ieder geval zijn vermeld:
    1. de naam van de stemgerechtigde afgevaardigde, niet zijnde lid van het Districtsbestuur.
    2. de naam van de vereniging die hij/zij vertegenwoordigt;
    3. de na(a)m(en) van de niet stemgerechtigde afgevaardigde(n).


Artikel 3-04 De agenda van de districtsvergadering

  1. In de agenda van de districtsvergadering worden de te behandelen onderwerpen zoals deze in de statuten zijn vermeld,
    alsmede de voorstellen van het districtsbestuur en de voorstellen van verenigingen die tijdig zijn ingediend,
    opgenomen.
  2. De agenda van de districtsvergadering wordt uiterlijk vier weken voor deze vergadering gepubliceerd in de officiële
    districtsmededelingen. In deze agenda worden alle te behandelen onderwerpen vermeld, waarvan het districtsbestuur kennis
    draagt.
  3. Wordt vastgesteld dat na het publiceren van de agenda nog onderwerpen voor een behandeling in aanmerking moeten
    komen, dan zorgt het districtsbestuur ervoor dat de verenigingen een aanvullende agenda in hun bezit krijgen, hetgeen zo
    spoedig mogelijk dient te geschieden, in elk geval vóór de opening van de districtsvergadering.
  4. Alleen verenigingen zijn bevoegd brieven of mededelingen in te zenden, die voor het agendapunt "Ingekomen brieven en
    mededelingen" door de districtsvergadering kunnen worden behandeld. Dit ter beslissing aan het districtsbestuur. Brieven
    of mededelingen die betrekking hebben op financiële onderwerpen die in de districtsvergadering aan de orde komen, dienen
    door het districtsbestuur vooraf ter kennis van de Financiële AdviesCommissie te worden gebracht.


Artikel 3-05 Bevoegdheden van de districtsvergadering
Behalve de bevoegdheden die de districtsvergadering door de wet of de statuten zijn toegekend, heeft zij het recht:

  1. Ter ondersteuning van haar taak commissies ad hoc te benoemen. Deze commissies krijgen een omschreven taak die zij
    binnen een door de districtsvergadering te stellen termijn dienen te volbrengen. Na het volbrengen van deze taak en het
    in de districtsvergadering uitbrengen van een rapport ervan, is een dergelijke commissie door die feiten opgeheven;
  2. Op een in de agenda opgenomen voorstel wijzigingen of toevoegingen aan te brengen, tenzij het gevolg ervan is dat
    van een wezenlijk nieuw voorstel sprake is, waarover de afgevaardigden in hun vereniging geen overleg hebben kunnen
    plegen alhoewel hen dat wel gewenst voorkomt;
  3. Moties in te dienen waardoor de mening van de districtsvergadering kan worden gepeild, eventueel het
    districtsbestuur kan worden gevraagd tot het nemen van een bepaald besluit te willen overgaan. Het districtsbestuur
    heeft het recht een aanvaarde motie tot de zijne te maken dan wel mede te delen dat het niet bereid is de motie over te
    nemen of uit te voeren.


Artikel 3-06 Notulen

  1. De notulen worden zo spoedig mogelijk doch uiterlijk vier weken vóór de eerstvolgende districtsvergadering in de
    officiële districtsmededelingen opgenomen dan wel in een speciale vergadermap gepubliceerd.
  2. Zijn één of meer afgevaardigden van mening dat in de notulen onjuistheden zijn opgenomen dan wel van belang zijnde
    gegevens niet zijn vermeld, dan dient dit binnen veertien dagen na het publiceren van de notulen ter kennis van het
    districtsbestuur te worden gebracht. Het districtsbestuur pleegt zo spoedig mogelijk overleg met de betrokken
    afgevaardigde(n) om te kunnen vaststellen of de tekst van de notulen dient te worden aangepast en -zo ja -op welke
    wijze. Aanpassingen worden indien mogelijk nog voor de desbetreffende districtsvergadering in de officiële mededelingen
    opgenomen, in elk geval voor de opening van deze vergadering schriftelijk bekend gemaakt.
  3. Worden niet binnen de vastgestelde termijn op- en/of aanmerkingen ter kennis van het districtsbestuur gebracht, dan
    word geacht dat de notulen op correcte wijze datgene weergeven dat in de districtsvergadering is besproken. Zijn wel op-
    en/of aanmerkingen ontvangen, dan geldt het hiervoor vermelde nadat het in lid van dit artikel bedoelde overleg heeft
    plaatsgevonden en beide partijen tot overeenstemming zijn gekomen.
  4. Is er ten aanzien van de inhoud van de notulen verschil van mening en blijkt het niet mogelijk tot overeenstemming
    te komen, dan beslist de eerstvolgende districtsvergadering. Overigens kan de districtsvergadering wijzigingen in de
    notulen aanbrengen. Dit geschiedt door het opnemen van een desbetreffende verklaring in de notulen van de
    districtsvergadering die de eerstbedoelde notulen behandelde.


Artikel 3-07 Opkomstplicht

  1. Van elke vereniging dient ten minste één stemgerechtigde afgevaardigde de districtsvergadering of buitengewone
    vergadering van de opening tot aan de rondvraag bij te wonen. Het verzuim hiervan om welke reden dan ook, al of niet met
    bericht van verhindering, heeft tot gevolg dat met goedkeuring van de ledenvergadering de betreffende vereniging een
    heffing wegens administratief verzuim krijgt opgelegd van respectievelijk € 25.= of € 12,50.
  2. Het districtsbestuur is bevoegd de opkomstplicht voor één of meer districts- en/of buitengewone vergaderingen op te
    heffen dan wel voor bepaalde verenigingen niet te doen gelden.



Deel 2 Districtsbestuur


Artikel 3-11 Benoemen en aftreden

  1. De benoeming en het aftreden van leden van het districtsbestuur vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in de statuten.


Artikel 3-12 Beëindiging van het lidmaatschap van het districtsbestuur

  1. Moet volgens de Statuten een lid van het districtsbestuur het lidmaatschap van een vereniging bezitten, dan wordt
    bij verlies van het lidmaatschap de beëindiging van het lidmaatschap van het districtsbestuur voor een termijn van ten
    hoogste drie maanden opgeschort. Herkrijgt binnen die termijn het lid van het districtsbestuur het lidmaatschap van zijn
    oude vereniging of verkrijgt hij binnen deze termijn het lidmaatschap van een andere onder het district ressorterende
    vereniging, dan wordt geacht dat het lidmaatschap van een vereniging niet onderbroken is geweest.
  2. Wenst een lid van het districtsbestuur tussentijds zijn taak neer te leggen of wenst hij/zij zich na het aflopen
    van de benoemingstermijn niet herkiesbaar te stellen, dan dient hij/zij dit voornemen zo tijdig mogelijk schriftelijk
    dan wel mondeling aan het districtsbestuur kenbaar te maken.


Artikel 3-13 Taakomschrijving van de leden van het districtsbestuur

  1. De voorzitter is bij elke officiële gelegenheid de woordvoerder van het district, tenzij hij of het districtsbestuur
    deze taak aan een ander bestuurslid heeft opgedragen. Hij leidt de districtsvergaderingen en de bestuursvergaderingen en
    stelt daarin de orde vast. Hij heeft het recht beraadslagingen te sluiten, doch is verplicht deze weer te openen, als de
    meerderheid van de stemgerechtigde afgevaardigden dan wel bestuursleden dit verlangt.
  2. Bij afwezigheid van de voorzitter neemt een ander -door het districtsbestuur aan te wijzen -bestuurslid diens taken waar.
  3. De secretaris voert de correspondentie. Hij is verantwoordelijk voor een goed functioneren van de districtsadministratie.
  4. De penningmeester zorgt voor een goed beheer van de geldmiddelen en de eigendommen van het district. Hij zorgt voor
    informatie van het districtsbestuur voorzover dit met de financiën van het district te maken heeft.
  5. De overige bestuursleden zorgen voor een goede uitvoering van de aan hen opgedragen taak.
  6. Ieder bestuurslid is bevoegd stukken die tot zijn competentie behoren namens het districtsbestuur te ondertekenen.
    Voor elke taakomschrijving geldt dat het districtsbestuur bevoegd is, in afwijking van hetgeen hiervoor is vermeld,
    bepaalde taken aan een ander bestuurslid op te dragen. Het districtsbestuur is daartoe verplicht wanneer een
    bestuurslid, ongeacht de oorzaak, voor een langere periode zijn taak niet kan uitoefenen. Overigens hebben alle
    bestuursleden de plicht elkaar te steunen bij de uitvoering van hun taken.


Artikel 3-14 Geheimhouding

  1. Hetgeen de leden van het districtsbestuur uit hoofde van hun functie ter kennis komt, dienen zij zich tegenover
    derden geheim te houden
  2. Wordt een besluit of opvatting in de openbaarheid gebracht, dan is het niet toegestaan daarbij kenbaar te maken
    welke bestuursleden voor of tegen een bepaald besluit waren, dan wel een andere opvatting hadden dan de meerderheid van
    het bestuur huldigde.


Artikel 3-15 Bestuursvergaderingen

  1. Het districtsbestuur komt in elk geval zo kort mogelijk vóór een districtsvergadering bijeen.
  2. In principe komt het districtsbestuur, met uitzondering van de maanden juli en augustus, eenmaal per maand in
    vergadering bijeen en voorts als de voorzitter of ten minste twee leden van het districtsbestuur dit verlangen.


Artikel 3-16 In een vergadering aan de orde te stellen onderwerpen

  1. De agenda van een vergadering van het districtsbestuur wordt door de voorzitter samengesteld aan de hand van datgene
    dat naar zijn oordeel voor een behandeling aan de orde moet komen, alsmede van datgene dat hem door de secretaris of
    andere leden van het districtsbestuur als te behandelen onderwerpen is opgegeven.
  2. De agenda van elke vergadering wordt zo spoedig mogelijk, maar in elk geval uiterlijk één week vóór de dag waarop
    wordt vergaderd aan alle leden van het districtsbestuur gezonden. Is een agenda verzonden, dan worden daaraan geen
    nieuwe onderwerpen toegevoegd, tenzij de meerderheid van de in de vergadering aanwezige leden van het districtsbestuur
    van mening is, dat het gewenst is dat bepaalde onderwerpen toch in behandeling worden genomen.
  3. Alle besluiten worden genomen overeenkomstig de bepalingen van de statuten.



Hoofdstuk 4 Commissies


Artikel 4-01 Commissies

  1. Het districtsbestuur kan commissies instellen die een ondersteuning geven bij het uitoefenen van de taak van dit
    bestuur. Ook de districtsvergadering kan besluiten zich door één of meerdere commisies te laten bijstaan.
  2. De in dit artikel lid 1 bedoelde commissies zijn te onderscheiden overeenkomstig het bepaalde in het Huishoudelijk
    Reglement van de KNBB, te weten permanente commissies en commissies ad hoc.
  3. Van het instellen en opheffen van een commissie, alsmede van elke mutatie in de samenstelling ervan, doet het
    districtsbestuur mededeling in de officiële districtsmededelingen.


Artikel 4-02 Permanente commissies

  1. De permanente commissie van het District is de financiële adviescommissie. (FAC)
  2. Permanente commissies van het district kunnen zijn:
    1. een technische commissie of wedstrijdcommissie;
    2. een jeugdcommissie;
    3. een arbiterscommissie;
    4. een sponsorcommissie.
  3. De taken en bevoegdheden van deze commissies worden door het Districtsbestuur bepaald.

  4. De taken en bevoegdheden van de in lid 1 en 2 genoemde commissies worden opgenomen in de aanvullende reglementen.


Artikel 4-03 Benoeming en ontslag van leden van een commissie

  1. De districtsvergadering benoemt en ontslaat de leden van de Financiële Adviescommissie en van de commissies die door
    haar zijn ingesteld. Het districtsbestuur benoemt en ontslaat de leden van de door dit bestuur ingestelde
    commissies.
  2. Tenzij bij de instelling van een commissie uitdrukkelijk anders is bepaald, dienen de leden van een commissie leden
    te zijn van een tot het district behorende vereniging.
  3. Is het lid zijn van een tot het District behorende vereniging verplicht gesteld, dan wordt bij verlies van het
    lidmaatschap van deze vereniging het lidmaatschap van een commissie voor een termijn van ten hoogste drie maanden
    opgeschort. Herkrijgt binnen deze termijn het lid van een commissie het lidmaatschap van zijn oude vereniging of
    verkrijgt het binnen deze termijn het lidmaatschap van een andere tot het district behorende vereniging, dan wordt
    geacht dat het lidmaatschap van een tot het district behorende vereniging niet onderbroken is geweest.
  4. Behalve het in dit artikel lid 1 bedoelde ontslag eindigt het lidmaatschap van een commissie ook door:
    1. het niet herkrijgen of verkrijgen van het lidmaatschap als bedoeld in dit artikel lid 3;
    2. opzegging van het lidmaatschap van een commissie door het lid van deze commissie.


Artikel 4-04 Notulen, verslagen

  1. Elke commissie dient het besprokene in haar vergadering vast te leggen door het maken van notulen of verslagen.
    Notulen zijn afkomstig van commissies die voor bepaalde delen van hun taak de bevoegdheid hebben zelfstandig besluiten
    te nemen. Verslagen hebben betrekking op bijeenkomsten van commissies waarin adviezen of voorstellen mogen worden
    opgesteld, maar waarin geen bindende besluiten mogen worden genomen.
  2. De notulen en verslagen van commissies van de districtsvergadering kunnen worden samengevat in een rapport dat de
    districtsvergadering wordt aangeboden, tenzij uitdrukkelijk is bepaald dat een commissie van elke bijeenkomst notulen of
    verslagen zal maken. Is dat het geval, dan worden de notulen of verslagen aan alle leden van deze commissie en aan de
    districtsvergadering gezonden. Ook in dit geval zal een samenvatting in een rapport aan de districtsvergadering worden
    aangeboden.
  3. De notulen en verslagen van alle commissies worden aan alle leden van de desbetreffende commissies en aan het
    districtsbestuur gezonden.


Artikel 4-05 Werkwijze van commissies

  1. Elke commissie stelt zelf binnen het raam van de haar verstrekte bevoegdheid haar werkwijze vast.
  2. Elke commissie is bevoegd zich door één of meer adviseurs te laten bijstaan, mits de insteller van deze commissie
    daarvoor toestemming heeft gegeven.
  3. Is in de taakomschrijving of door dit reglement het voorzitterschap of het secretariaat niet geregeld, dan wijst de
    commissie uit haar midden een lid als voorzitter of als secretaris aan.
  4. Een commissie of een lid van een commissie is niet bevoegd mededelingen die op het werk van de commissie betrekking
    hebben en andere dan de leden van het districtsbestuur te verstrekken, tenzij het Districtsbestuur toestemming ervoor
    heeft gegeven. Dit verbod geldt niet voor commissies van het districtsbestuur ten aanzien van het uitbrengen van een
    rapport aan de districtsvergadering.


Artikel 4-06 Verantwoordelijkheid

  1. Commissies kunnen voorstellen doen aan het districtsbestuur.
  2. Het hiervoor vermelde geldt ook voor voorstellen door commissies gedaan nadat deze voorstellen door het
    districtsbestuur zijn overgenomen.



Hoofdstuk 5 Slotbepalingen


Artikel 5-01 Niet voorziene gevallen

  1. In alle gevallen waarin de Wet op de Verenigingen, Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de statuten en de reglementen
    van de KNBB, de statuten en reglementen van het gewest waaronder het district ressorteert, de statuten en reglementen
    van het district, niet voorzien, beslist het districtsbestuur.


Artikel 5-02 Inwerkingtreding

  1. Dit Huishoudelijk Reglement is vastgesteld in de Districtsvergadering van 30 mei 2012. Het treedt in werking op 1 juli 2012.
    Het kan worden aangeduid met: Huishoudelijk Reglement van het District Eem- en Flevoland.
  2. Door de inwerkingtreding van dit Huishoudelijk Reglement vervallen alle eerder genomen bepalingen die strijdig zijn
    met bepalingen in dit reglement
  3. Een beroep op het niet bekend zijn met de inhoud van de statuten en reglementen van respectievelijk de KNBB, het
    gewest waaronder het district ressorteert, het district en de officiële mededelingen is niet ontvankelijk

Vastgesteld in de vergadering van 30 mei 2012.